Naaldhout

Naaldhout

Algemeen
Vuren is in Nederland de meest verwerkte naaldhoutsoort. Het wordt breed toegepast in daken, gevels, constructies, renovaties, verpakkingen, vloeren tot zelfs in exclusieve pianoklankbodems.
Vuren is afkomstig van de fijnspar (Picea abies) en grenen van de grove den (Pinus sylvestris). Mits goed toegepast kunnen met beide soorten zeer duurzame resultaten worden bereikt. Naaldhout kan milieuvriendelijk thermisch behandeld worden waardoor het de duurzaamheid van hardhout bereikt (zie rubriek Stellac Wood en Thermowood)

Bosbeheer
Ons naaldhout komt voornamelijk uit Noord- en Midden Europa, waar de bossen op verantwoorde wijze beheerd worden. Bosexploitatie vindt plaats op basis van een bosbeheerplan. Hierbij komen, naast de economische, ook alle andere functies van het bos tot hun recht.

Naast de overheid spelen ook andere organisaties op dit gebied een grote rol. Er worden op dit moment vele miljoenen hectares bos op verantwoorde wijze beheerd en als zodanig gecertificeerd. De meest bekende certificering initiatieven voor duurzaam bosbeheer zijn die van FSC (Forest Stewardship Council) en PEFC (Program for Endorsement of Forest Certification). Daarnaast is er op nationaal niveau het Keurhout label voor aantoonbaar duurzaam en aantoonbaar legaal geproduceerde houtproducten. Naaldhout is verkrijgbaar met FSC of PEFC certificaat.

Kwaliteit en Normen
De kwaliteit van een aantal houtsoorten is vastgelegd in de Kwaliteitseisen voor hout (KVH) die eisen stelt aan de voornaamste kenmerken, zoals kwasten, scheuren en vervormingen.
Daarnaast bestaan er eisen voor specifieke toepassingen als vloerdelen, gevelbekleding, kozijnen en de weg- en waterbouw.
De houtsoorten vuren, grenen en lariks worden ingedeeld in de kwaliteiten A, B, C en D volgens NEN 5466 (Kwaliteitseisen voor hout (KVH 2000) - Houtsoorten Europees vuren, Europees grenen en Europees Lariks). De meest voorkomende kwaliteiten zijn B en C, waarbij C de standaard bouwkwaliteit en B (voorheen aangeduid als constructiehout) alleen wordt gebruikt bij hoge eisen voor sterkte en / of uiterlijk.

Constructiehout en sterkteklassen
Jaarlijks wordt in Nederland een groot volume naaldhout in dragende constructies verwerkt. Een houtconstructie moet volgens het Bouwbesluit sterk genoeg zijn. De berekening om dit aan te tonen moet worden uitgevoerd met de methode die is beschreven in de norm NEN 6760 (Technische grondslagen voor bouwconstructies (TGB 1990) - Houtconstructies - Basiseisen - Eisen en bepalingsmethoden). Omdat voor de berekening sterktegegevens nodig zijn, zijn er zogenaamde sterkteklassen opgesteld. De sterkteklasse van naaldhout wordt aangeduid met de letter C, gevolgd door een getal (bijvoorbeeld C18). Voor naaldhout bestaan er twaalf klassen, maar in Nederland zijn C18 en C24 het meest gangbaar.

CE-markering
Vanaf september 2009 zal naaldhout voor constructieve toepassingen worden voorzien van een CE-markering. Dit stempel op elk deel hout waarborgt dat de eigenschappen (constructieve veiligheid, brandveiligheid, gezondheid, gebruiksveiligheid, geluidsbeperking en energiezuinigheid) in overeenstemming zijn met de Europese normen. Het constructieve naaldhout moet op sterkte zijn gesorteerd om een CE-markering te kunnen krijgen. Dit kan machinaal of visueel gebeuren.

Drogen
Naaldhout is vrijwel altijd kunstmatig gedroogd tot een vochtgehalte van 18-20%. Dit voorkomt dat het hout snel vatbaar is voor blauwschimmelaantasting. Voor een aantal specifieke toepassingen dient het hout verder teruggedroogd te worden tot 10-12% vochtgehalte. Hierbij bestaat enig risico voor verkleuring, scheuren en vervormingen. Voor verpakkingshout is bovendien een droogproces vereist volgens ISPM 15 normen.

Milieu

PontMeyer gaat op een verantwoorde manier met het milieu om en steunt de initiatieven die worden ondernomen om duurzaam bosbeheer te stimuleren.     Meer informatie

Onze keurmerken: